Jut en Jul

Knor knor, daar zijn we weer, Jut en Jul, de twee Kune Kune varkens van ’t Weidje. We zijn bijna een jaar oud en flink gegroeid in het afgelopen jaar. Hierdoor zijn we sterker en we ruiken vooral ook sterker. Nee, nee, we stinken niet hoor, maar ons reukvermogen is echt super goed geworden! We kunnen lekkere dingen al op 300 meter afstand ruiken. Kun je nagaan wat we allemaal onder de grond ruiken.

We snoven laatst zoveel lekkers onder het gras, dat we het een beetje opzij schoven. Stiekem kleine stukjes, zodat het niet zo op zou vallen. In de ochtend toen we naar buiten mochten, renden we meteen weer naar de grote speeltuin en gingen we voor- zichtig verder.

Maar al snel waren we niet meer te houden. We vonden zoveel lekkere sappige wormen en insecten, dat we nog maar aan één ding konden denken: wroeten en zo diep mogelijk. Heerlijk met onze neus in de bagger, slurpten we al dat heerlijks achter elkaar naar binnen. Prut op onze buik en tussen onze tenen. Het maakte niet uit, verstand op nul en wroeten, hoe dieper hoe sappiger leek het wel.

Maaaaar ja, we wisten dat het niet lang zou duren voordat we gesnapt zouden worden. Het was ook eigenlijk wel erg wat we deden, maar we konden niet anders, de drang was te groot. Eén verzorger zei dat dit niet langer kon en bracht ons naar een kleiner veldje.

Uit het hok wat daar staat, klonk pauwen geroep: ‘Joehoe, we zitten hier! Horen jullie ons? We zitten opgehokt. Kunnen jullie ons helpen? Wij willen ook graag naar buiten.’

Knor knor, weet je we luisteren er niet naar hoor, anders willen zij straks ook een wormpje. We eten hun grasveldje effe kaal en pakken dan hier uit de grond snel alles wat we pakken kunnen. Want voordat je het weet worden we wéér ontdekt, of komen die pauwen naar buiten. Dus knor knor, nog effe heerlijk wroeten.

Groetjes vanuit kinderboerderij ’t Weidje,
Jut en Jul

Deel dit verhaal met je vrienden

Terug